Kinderen zijn snel afgeleid. Zo ook mijn dochter, die een echte dromer is. En mijn zoon is juist meer een spring-in-het-veld type die niet stil kan zitten. Al in de kleuterklas was het opvallend: mijn dochter leek altijd in een andere wereld te zitten, en mijn zoon was afgeleid door iedere auto die langs reed.

Concentreren is echter  een belangrijke eigenschap voor op school, en heeft ook impact op het resultaat van de CITO eindtoets. Gelukkig kan je je kind helpen beter te concentreren, en daar gaat deze blog over.

Oefenen

Een goede concentratie is deels biologisch bepaald. Zelf heb ik ook een redelijk korte aandachtspan, dus ik begrijp waar de problemen van mijn kinderen vandaan komen. Maar goed concentreren is allereerst veel oefenen. Je kan concentreren beschouwen als een vaardigheid, en dus iets wat je kan trainen.

Onrust in de klas

Nu het onderwijs veel individualistischer is, gebeurt er meer in de klas dan vroeger. Vroeger zei een docent ‘stil’, en moest het stil zijn in de klas om te werken aan je sommen. En dan was het stil voor een lange poos. Nu is er constant reuring in de klas: kinderen werken in groepen, bewegen heen en weer naar de computer, worden opgehaald door een speciale coach, et cetera.

Ban afleiding

De omgeving is enorm bepalend. De drukte van een schoolklas maakt het voor veel kinderen lastig zich te concentreren. Maar als je het thuis onder de knie krijgt, is het daarna ook makkelijker in de klas toe te passen. Richt daarom in huis een plekje in die is bestemd als werkplek. Zo weet je kind, ‘als ik hier ziet, moet ik aan het werk’, en wordt het en automatisme. Maak het een fijne omgeving om te studeren: niet te veel prikkels, stil, maar wel vertrouwd. Een goede bureaustoel voor een kind, fijne pennen en papier binnen handbereik. En verder geen speelgoed of televisie in de buurt, dat kan afleiden. Wat ook helpt is duidelijke opdrachten geven: ‘eerst je tekenspullen opruimen, daarna mag je achter de computer.’ Zo houden kinderen de aandacht bij datgene wat ze aan het doen zijn.

Vrijwillig of gedwongen

Het is ook van belang het verschil te begrijpen tussen vrijwillige en gedwongen concentratie. Mijn dromerige dochter kan bijvoorbeeld uren doen over het maken van één tekening. Maar als ze zit aan haar huiswerk, is ze na tien minuten afgeleid. De leeftijd van een kind bepaalt in sterke mate hun aandachtspan. Kinderen tot zes jaar zullen zich niet langer dan tien minuten kunnen concentreren. Tot tien jaar is dit twintig en na dertien jaar wordt het een half uurtje. Speel hier slim op in, door na deze concentratie tijd een andere opdracht te geven. En dus taakjes in te delen in behapbare hoeveelheden.

Het begint bij een stukje begrip van de ouders: hoe kan jouw kind zich het beste concentreren? Als je daar slim op inspeelt, zal je zien dat je kids met sprongen vooruit gaan!